Het is een (tussen)fase

‘Het is een fase’. Een zin die me tijdens de tropenjaren steun bood. Ook dit gaat voorbij, fluisterde het zachtjes in mijn hoofd. Maar, dat had ook een negatieve kant, zo weten de meeste ouders. Luierkontjes, zachte nekhaartjes en spekbeentjes; ze liggen allemaal achter ons. Net als slapeloze nachten (al durf ik dit eigenlijk nog steeds niet hardop uit te spreken, je weet het nooit), eindeloze snottebellen en peutermotoriek.

We bevinden ons op dit moment in een tussenfase, een schemergebied tussen de volgende stap en wat geweest is. Met één kind op de basisschool en twee in de tweede (maar vroege leerlingen dus relatief gezien aan de jonge kant) proeven we al van de puberfase, genieten we langzaam van steeds meer vrijheden als ouder (nee joh, oppas is dan niet nodig) en spelen we toch nog vele potjes Regenwormen, tafeltennis of mini-pool.

Op zich niets te klagen dus. Maar het voelt wat onbekend, wat zoekend. Neem nu de zomervakantie. Mathijs en ik willen struinen over een Frans marktje en dan even die kerk, dat winkeltje of die galerie inlopen. Zij willen uitslapen en vissen/zwemmen/voetballen. Wat doe je dan? Iedereen mokkend mee? Alleen de jongste dwingen om mee te gaan? De oudste twee verantwoordelijk maken voor de jongste? Met z’n allen de camping niet afkomen?

Eén ochtend togen we met zijn tweetjes naar dat marktje. Man, man, wat was dat fijn. We gingen uitgebreid op zoek naar artisjokkentapenade, namen een keur aan kleine saucissons mee en dronken een kopje koffie op een terras om 11.00 uur ’s ochtends naast een opa die met zijn (ik schat in volwassen) kleinkinderen aan schalen met oesters en glazen witte wijn zat. Heerlijk.

Het was proeven van de toekomst. Weer meer dingen doen die je zelf écht leuk vindt zonder dat er gevraagd wordt om een ijsje of hoe lang we nog blijven. Maar ook; minder die gezinscocon in, dat uitje met zijn allen. Gelukkig kregen we iedereen bereid om nog een keer le Mont-Saint-Michel te bezoeken. De wandeltocht was zeer goed te doen (sommige benen waren wat langer dan drie jaar geleden), alleen de berg was nog net zo druk. Maar, het was gezellig. Ik ben benieuwd of ik dat volgend jaar nog kan zeggen.