Tekst is moeilijker dan je denkt. Zo kan een korte maar krachtige mail ontzettend ona
ardig en kattig overkomen. Een nette brief met ‘geachte’ in de aanhef leest heel anders dan een ‘beste belastingdienst’. En soms is een tekst op meerdere manieren te interpreten. Of beter gezegd: is de kans dat je hem verkeerd interpreteert erg groot. Zo schreef ik vandaag ‘ze mogen altijd achterom komen’. Wat ik bedoelde was dat de geïnterviewde man een dermate goede relatie met die mensen had dat ze niet hoefden aan te bellen bij de voordeur, maar dat ze gewoon binnen konden lopen via de achterdeur. Mijn perverse en altijd doordenkende collega’s hadden hele andere gedachten (jaja, daar heb ik ook wel eens last van). En opeens waren alternatieven als ‘de achterdeur staat altijd open’ ook erg dubieus. De zin is in zijn geheel verwijderd.
Nog een puntje van aandacht: als vaste lezer heb je waarschijnlijk al gemerkt dat ik mijn eigen leven als bron gebruik voor deze blog (is meestal zo bij een weblog). Bedenk dus dat alles wat je doet en zegt tegen je gebruikt kan worden. Jullie zijn (op een uiterst vriendelijke manier) gewaarschuwd!

Wat zou je doen met een miljoen? Gisteravond keken we het einde van Postcodeloterij Miljoenenjacht. Als spelers van de loterij waren we erg enthousiast toen we ontdekten dat de meneer in de studio voor koffer tien had gekozen. Die hebben wij na
Dead Poets Society. Hoe vaak ik de film ook zie, hij blijft goed. Al begint het zoetsappige zo nu en dan wel door te schemeren. De eerste keer dat ik hem zag was tijdens een blokuur Engels van meneer Swartjes in Middelburg (de laatste keer was vanavond). Waarschijnlijk droomde hij ervan om net zo’n inspiratiebron voor ons te zijn als Mr. Keating dat was voor zijn pupillen. Het feit dat ik me deze leraar nog steeds haarscherp voor de geest kan halen, zegt wel iets. De indruk is gebleven, al is hij niet te vergelijken met het grote verschil dat Keating maakte in het leven van zijn pokdalige pubers.

