Jan-Peter, Job, Mark en hun collega’s zijn druk met de campagnes voor de landelijke verkiezingen op 9 juni. Gezien mijn journalistieke achtergrond en het door mijn ouders ingestampte stemrecht-besef is het niet uitbrengen van mijn stem geen optie. Er moet en zal gestemd worden. Maar meer nog dan andere keren weet ik niet op wie of op welke partij. Ik ben het prototype zwevende kiezer.
Het is meer een kwestie van uitsluiten dan van kiezen. CDA is te conservatief christelijk en ik ben Balkenende moe, Christen Unie idem, Trots op Nederland kan ik niet serieus nemen (lukt me gewoon niet), Groen Links is te groen, Partij van de Dieren te diergeoriënteerd, VVD is te rechts maar SP weer te links. D66 is te draaikonterig en PvdA nogal passé al vind ik Job wel ok. Dat rijmt. Partijen als Nieuw Nederland, de Piratenpartij (!), Heel NL en Lijst 17 vind ik de moeite van het erin verdiepen niet waard (excusé). En de PVV is tsja, de PVV. Om eerlijk te zijn vind ik sommige standpunten best goed, maar de islamhaat die de partij uitstraalt stuit me zo tegen de borst dat ik er nooit op zou kunnen stemmen.
Wat blijft er over? Nou niks dus. Het voelt als kiezen voor de minst slechte optie. Alsof ik eigenlijk ontzettend veel zin in chocoladetaart heb, maar er alleen maar vruchtenvlaai is. Natuurlijk is er nooit een partij die 100 procent aansluit bij je opvattingen, maar toch. En natuurlijk heb ik niet de illusie dat mijn stem hét verschil gaat maken, maar ik vind wel dat ik hem weloverwogen moet uitbrengen. Om mezelf op weg te helpen, heb ik twee stemwijzers gedaan. Het verrassende resultaat: VVD en SP. Mijn conclusie: ik moet me er nog wat verder in verdiepen. De deadline van 9 juni nadert.
