Spontane gezelligheid

Sommige feestjes zijn ver van tevoren gepland. Je verwacht er veel van, maar eigenlijk kunnen ze nooit voldoen aan de hoge verwachtingen. Ze zijn gedoemd om te mislukken. Hetzelfde geldt voor de ouderwetse zaterdagavonden, vind ik. Zoals het is geweest, is het nooit meer. En als je jezelf dan eindelijk van de bank af richting bar hebt gehesen, blijken die mensen van vijf jaar geleden dat niet gedaan te hebben. Dat valt tegen. Nee, de feestjes waar je bepaalde verwachtingen van hebt, zijn niet de leukste.

Diezelfde vlieger gaat op voor oud en nieuw. Een zwaar overschat feest. Nu wees een collega me er vlak voor de jaarwisseling op dat zij dat ook vond. Maar dat zij wél erg fan is van de Nieuwjaarsborrel. Daar had ze helemaal gelijk in, bleek op zaterdag 3 januari tijdens een Nieuwjaarsbrunch die ik bijwoonde. Verwachting: geen idee, beetje broodjes eten met misschien een glaasje champoepel. Uitkomst: heel veel broodjes, glaasjes Prosecco, biertjes, een diner en bitterballen later droop ik om 0.00 uur uiteindelijk af.

We waren met een heel gezelschap in De Nieuwe Vorst. De vorstelijke lunch was buitengewoon goed geregeld door Maarten (hulde) en daarna bleven de meesten hangen voor een biertje. Dat werden er dus twee, of drie, of etc. Op een gegeven moment stond ik met biertje nummer weet-ik-veel de skivakantie en de verschillen tussen de lokale en Amsterdamse huizenmarkt door te nemen met Merlijn al deinend leunend tegen de bar. Ik realiseerde me dat het hoog tijd werd om weer wat te eten (ondanks de nogal copieuze lunch). Een uurtje later zaten we als uitgehongerde honden kwijlend aan tafel. Na het diner was het tijd voor nog één klein biertje in biercafé Kandinsky. Een erg goed idee: aan het speciaalbier gaan! Het resulteerde in veel slappe seksueel getinte verhalen en galgje in de categorie Carnaval.

Toen ik tegen middernacht op huis aan ging was ik erg blij dat ik tussendoor zo verstandig was geweest een paar keer een colaatje te bestellen. Mijn portemonnee was helemaal leeg, maar dat het gezellig was, stond vast. En zo blijkt weer: de spontaanste feestjes zijn het leukst. En ik heb al erg veel zin in de skivakantie. Want met het clubje dat meegaat wordt het vast en zeker spontaan of gepland erg gezellig.

Mannen bedankt

Daar zit je dan. Pompomtidom. Je hebt er een lekkere dag opzitten. Even Mathijs afzetten in de stad, langs de Intratuin (na eerst natuurlijk het zoeken van de Intratuin), naar huis, cadeautjes inpakken en kokkerellen en dan hop naar de schoonouders om alle spullen daar te brengen. Met een opgeruimd en blij gevoel ga je op huis aan om even een lekkere warme en verfrissende douche te nemen. Daar ben je wel aan toe. Daarna is het tijd om terug te keren naar de schoonouders voor het ‘oud en nieuw’-feest.

Vroem vroem, daar ga je. Bochtje om, doorschakelen, beetje doorgassen. Stoplichten bij de grote kruising met de Baroniebaan en de Ringbaan West. Het begint te schemeren en ook de spits is in aantocht. Even wachten bij het stoplicht. Groen. Optrekken in zijn 1, doorschakelen naar zijn 2. En dan… helemaal niets meer. Het stuur voelt zwaar, de motor valt uit. Kut. Even opnieuw starten. Krggrhrgggrg. Niets. Paniekerig kijk je om je heen en ziet links twee banen met auto’s op je af komen. Je draait nog maar eens aan de sleutel. Neehoor. Niets. Alarmlichten aan.

Langzaam begint het duidelijk te worden dat de auto weer dezelfde kuren vertoont als afgelopen zomer. Dat betekent dat hij zomaar opeens uitvalt, zonder duidelijke reden. Om dan na een minuut of drie het op mysterieuze wijze gewoon weer te doen. Maar drie minuten is vrij lang als je midden op een kruispunt de boel staat te blokkeren.

Het zweet staat in mijn handen. Ik stap uit en maak een beweging van ‘dat wordt duwen’ en vervolgens een soort van ‘help’. Niemand lijkt te reageren. De man met wie ik oogcontact maakte, rijdt in ieder geval gewoon door. Nu staat het zweet ook op mijn rug. Ik ga weer zitten in de auto, want er komt weer een meute auto’s op me af, en probeer weer te starten. Niets. En dan zie ik uit mijn ooghoek drie auto’s stoppen. Er springen drie jonge mannen uit, ik schat begin dertig. Eentje schiet snel in een oranje jasje. De ware redders in nood komen als in slowmotion naar me toe gezweefd. Mijn hart maakt een sprongetje. In zijn vrij en dan daar het gras op sturen zegt de linker vriendelijk tegen me. Dat laat ik me geen twee keer zeggen. De stuurbekrachtiging is uitgevallen dus sturen is loeizwaar. Daardoor vergeet ik op te letten voor een paaltje. Gelukkig letten de mannen wel op. Lachend wijzen ze me erop.

En dan sta ik in het gras. Mijn redders gaan er snel weer vandoor. Ik kan nog een bedankt uit het raam schreeuwen. De adrenaline giert door mijn lijf, mijn benen trillen. Pfff. Wat ben ik toch blij met deze onzelfzuchtige heren. Meteen neem ik me voor dat als ik ooit iemand ergens zo hulpeloos zie staan, ik altijd zal helpen.  Mannen, bedankt! Tien minuten later staat mijn eigen rots in de branding naast me om me te redden. En de auto, die doet het gewoon weer. Alsof er nooit iets gebeurd is.

Gelukkig Nieuwjaar!

Iedereen een gelukkig Nieuwjaar gewenst! Hopelijk wordt het een super-, glorieus, financieel aantrekkelijk, gelukkig, mooi, nieuwe kansen bevattend, gezellig jaar met heel veel hoogtepunten! En hopelijk raakt de kredietcrisis geen van ons… (alleen wat betreft die benzineprijzen hoor je mij niet klagen).

Op naar een fantastisch 2009!

Afvinken

IJskoud was het toen ik vanmorgen vol zelfmedelijden in het donker op mijn fiets stapte. Als een van de weinige Nederlanders moest ik gisteren en vandaag werken. Inmiddels ben ik allang weer opgewarmd en lekker bezig onder het genot van een muziekje. Collega Karlien en ik hebben het rijk alleen. We zijn wonderbaarlijk hard aan het werk (ja, ik weet wat jullie nu allemaal denken) en hebben voor de rest van de dag nog veel goede voornemens. Beetje opruimen, paar klusjes afmaken en een oliebol halen.

Dat biedt me een mooi bruggetje naar goede voornemens voor het nieuwe jaar. Want die zijn er zeker. Ik heb geprobeerd een blog van een jaar geleden te vinden om te checken wat ik me toen had voorgenomen. Na flink zoeken bleek ik vorig jaar mijn goede voornemens niet gedocumenteerd te hebben in een blog. Hoe is het mogelijk? Het zal wel door het griepje komen dat ik toen had. Het jaar daarvoor, jaja zo lang blog ik al, was ik met mijn hoofd voornamelijk al op wintersport.

Maar dit jaar heb ik er wel goed over nagedacht. De afgelopen weken hoorde ik allerlei verdrietige verhalen over terminaal zieke jonge mensen, overleden kinderen en dood en verderf door oorlog en hongersnood over de hele wereld (ik noem maar iets). Dus wil ik bij de kern blijven; mijn goede voornemen is genieten. Ja, ik weet het, het is een beetje een baggerig cliché-woord geworden, maar clichés zijn nou eenmaal waar. Te vaak worden we geleefd en gaan we op in de waan van de dag. Dit voornemen is trouwens ook geïnspireerd door mijn opa die het afgelopen jaar zijn negentigste verjaardag vierde (!). Ik zag tijdens zijn verjaardag dat als je terugkijkt op je leven de leukste, meest levensveranderde en verdrietigste momenten het belangrijkst  zijn. Het komt dus neer op de leuke kleine momenten, feestjes, begrafenissen, ziektes en geboortes en huizen kopen. Ik hoop dat ik er komend jaar drie mag afvinken: leuke kleine momenten, feestjes en een huis kopen!

Smullen

Maanden leef je er naartoe en dan is het opeens alweer voorbij: Kerstmis. Al in september oefenden we zo nu en dan receptjes om te kijken of ze door de strenge selectie van het kerstmenu zouden komen. Vele gerechten sneuvelden. Uiteindelijk werd het een zevengangen menu. Mooi uitgebalanceerd met producten van kwaliteit. En alles vanaf nul gemaakt. Dus de sjalottensaus met rode port op basis van een zelf getrokken bouillon en ook de bisque begon ooit als visafval.

Eerste Kerstdag was weer een klein feestje: een wandeling door het naastgelegen Amsterdamse Bos, een goede pot sjoelen, allerlei cadeautjes en grappige en/of mooie gedichten. En niet te vergeten: een copieus diner. Alle hulde voor de kok, oftewel Mathijs, want die had zich flink uitgesloofd. Ik heb dit jaar relatief veel achterover geleund. Goed geregeld dus. Zoals altijd evalueerden we samen met het hele gezin het jaar en spraken we over onze verwachtingen en plannen voor de toekomst. Een moment van bezinning (en met de nodige wijn wordt iedereen lekker loslippig). De locatie mocht er zeker ook zijn: het kersverse penthouse van zus E en vriend M, een prachtig appartement…

Mama was verantwoordelijk voor de styling van de tafel en de menu’s. Een erg leuk detail van het menu zat hem niet in de gerechten, maar in het verleden. Mama bleek onze oude kerstmenu’s bewaard te hebben. De pagina stond vol hanenpoten, ijs met verassing, Raak in plaats van wijn, chaslichpennen, tekeningen en dopewten. Bijna zag je ons weer als drie kleine meisjes in feest/prinsessenjurken kerstklokjes op de menu’s tekenen. We zongen liedjes bij de piano waarop een mobiel stond dat door de warmte van kaarsjes draaide en tingelde. Ook in de kerstboom brandden echte kaarsjes. En papa las een kerstverhaal voor. Heerlijk toch? Kerstmis: het blijft smullen!

Zingen is een vak

Aan muzikaal talent geen gebrek afgelopen vrijdag. Samen met Petra luidde ik het begin van de vakantie in tijdens de Nacht van de muziek in het conservatorium van Tilburg. De studenten brengen tijdens deze lange avond in allerlei formaties, verschillende zalen en door middel van vele muziekstijlen hun muzikaliteit ten gehore. En dat was smullen. Tilburg was in grote getalen uitgelopen om iedereen in actie te zien. De gezichten van de deelnemers waren gespannen, wijd opengesperde ogen, een snelle tred door de smalle gangen, een immense koffer met instrument op de rug. Het is algemeen bekend dat van conservatoriumstudenten opperste inspanning wordt verwacht en zo te zien waren ook zij toe aan vakantie.

Petra en ik gingen vooral kijken en luisteren naar zanglerares Anne en boyfriend van Petra: Bart. In verschillende formaties brachten onze twee favorieten hun zangkunsten ten gehore. Ik was erg onder de indruk van de vijf vrouwen tellende formatie van Anne die onder meer Fields of gold a cappella zong: een brok in mijn keel. De meiden stonden er trots bij. De stemmen waren gesmeerd, vol van klank en timbre, de ogen keken vol emotie. Ze brachten hun verhaal met verve en overtuiging. En dan merk je des te meer dat zingen een vak is. Want je ziel en zaligheid blootleggen op een toneel en dan ook nog de sterren van de hemel zingen, is een vak. En daar kan ik alleen maar jaloers op zijn.

Na middernacht was het eindelijk tijd voor het hoogtepunt: het optreden van het Fontys Jazzkoor dat ook meedoet aan Korenslag. Er klonk onder meer een subliem Zombie, een opzwepend Een wereld (met een hele hoog noot, respect) en sfeervolle kerstliederen. Maar het allermooist vond ik toch wel My immortal. Zo klein gebracht, prachtig en vol emotie en harmonie gezongen in een bijzonder arrangement. Ondanks het late uur zat ik op het puntje van mijn stoel. En ik had wederom een brok in mijn keel. Muziek zoals muziek bedoeld is.

Uit het glas

Gisteravond kwam de wijsheid meer uit het glas dan uit het vuistje. We togen met een select groepje collega’s naar het pittoreske Oss vanwege het neerstrijken van Winterwonderland aldaar. Het zag er erg gezellig en leuk uit: een flinke schaatsbaan, reuzenrad, iets te grote après-skibar, allerlei kraampjes met vette happen etc. De Osse jeugd deed een interessante paringsdans op het ijs. Gillen, duwen, vallen, elegant glijden, alles werd in de strijd gegooid om elkaar te imponeren. Wij vielen een beetje uit de toon met onze gemiddelde leeftijd, maar dat mocht de pret niet drukken.

Voor het schaatsen gingen we eten bij eetcafé De Wereld. Een erg gezellige, mooi ingerichte tent. Eerder deze week hadden we onze bestelling al doorgegeven (ze werken met menuutjes) zodat alles op de avond zelf soepel kon verlopen. En op zich verliep het ook wel soepel. Maar (ja daar is de maar) het duurde wel een beetje lang. En het eten was van eetcaféniveau. Dat kun je verwachten voor die prijs, maar stiekem hoop je op een aangename verrassing. Mijn voorgerecht was overigens lekker, de garnalen waren erg smaakvol. Maar over mijn hoofdgerecht en toetje was ik gemiddeld tevreden. Gewoon, maar niet bijzonder. Bij mijn collega’s zag ik trouwens bevestigd dat je zoiets als sushi beter alleen in een sushibar kunt bestellen. Das toch een kunst op zich.

Los van het gemiddelde niveau van eten, was het wel een übergezellige avond. We hebben wat afgelachen, potentiële plannen gemaakt voor het werk en onze hoogtepunten van 2008 doorgenomen. Ja, het was een mooie uitje. Alleen jammer (hoewel, dat was ook weer erg gezellig) dat ik de verleiding niet kon weerstaan om eenmaal terug in Tilburg even bij Polly binnen te wippen. De ‘Jongens van jeweetwel’ (van Crazy Piano’s) speelden de pannen van het dak. En dus bleef ik, al bier drinkend, tot in de kleine uurtjes hangen. Op en top gezelligheid! Mijn treinreis naar Den Bosch vanmorgen was helaas nogal misselijkmakend. Letterlijk dus hè.

Tandvlees

Gezucht, gesteun, gesleep en gekreun. Zo nu en dan wat gewrijf in gezicht en ogen, nog maar een kopje koffie. De laatste dingetjes afwerken, terwijl elk laatste dingetje er eigenlijk een te veel is. Het is bijna vakantie en we lopen op mijn werk een beetje op ons tandvlees. Iedereen moet ‘nog even dit en dat’ met als gevolg dat het nog bestwel druk is deze week. Onverwachts. Dat terwijl we ons het liefst zouden bezighouden met uitslapen, leuke dingen doen, gedichten schrijven en koken. De laatste loodjes hè!

Voordeel is wel dat de tijd vliegt. Je werkt een paar klusjes af, krijgt er tussendoor weer wat bij, en het is weer tijd voor de lunch. Je vergadert, tikt en leest wat en je mag alweer naar huis. Nog 1dag werken en dan heb ik tien dagen vrij. Wat een feest! Naast de logische festiviteiten die Kerstmis en oud en nieuw met zich meebrengen, heb ik niets gepland. En ik kijk ernaar uit.

Lekker uitslapen en ’s ochtends nog wat lezen in een goed boek vergezeld door de katjes. Uitgebreid koken en genieten van de kokkerelkunsten (maar ook boodschappen doen en cadeautjes kopen vergezeld door de rest van Neerlands kooplustigen), aan mijn knip-en-plak-receptenboek werken, sporten en eens wat troep uitmesten. Eigenlijk maakt het niet zoveel uit wat ik ga doen. Het gaat erom dat je een zee aan mogelijkheden hebt en dat niets moet. Krijgt mijn tandvlees ook even rust…

Vrouw achter het stuur

Ik geef het maar meteen toe: ik ben geen held in de auto. Met Mathijs als strenge voorbeeld ligt de lat hoog. Zijn commentaar op andere weggebruikers steekt hij niet onder stoelen of banken en hij verwacht dezelfde discipline van mij. Alleen heeft autorijden een hele andere betekenis voor ons beiden. Voor hem is het ontspannend, hobbymatig en nouja, gewoon lekker. Voor mij is het een manier om van A naar B te komen. En ik vind het vooral lekker om gereden te worden. Beetje muziek opzetten, wat uit het raam staren, beetje bijkletsen en af en toe net op tijd roepen dat we ‘die afslag moeten hebben’.

Nou gingen we vorig weekend naar zus E & zwager M in Amsterdam om te klussen. Zwager M was zo lief om zijn oude eettafelstoelen aan ons te schenken en er zelfs al twee naar Tilburg te rijden. Aan ons de taak om de laatste twee stoelen mee terug te nemen, alleen pasten die niet in onze auto. Dat deden ze wél in de auto van Mathijs’ ouders. Die mochten we lenen, alleen was er één klein detail: het raam van de bestuurder was kapot. Nou geen probleem.

Eenmaal in Amsterdam kondigde zus E enthousiast aan dat wij samen naar een woonwinkel gingen om hun nieuwe eettafelstoelen op te halen. Het ging om zes stuks, dus was het handig om met twee auto’s te gaan. Ik ging in de auto van mijn schoonouders. Niet zeiken, sprak ik mezelf bemoedigend toe, je hebt al negen jaar je rijbewijs, dit gaat vast goed. En dus togen we door Amsterdam, richting het oude huis van E om haar auto op te halen.

Vanuit de locatie ‘oude huis’ reden we door naar de Arena, en hup de parkeergarage in. Raampje open. Raampje open? Shit. Lichte paniek overviel me. Het raam kon natuurlijk helemaal niet open! Dus reed ik een klein stukje verder, maakte mijn gordel los, deed het raam achter me open en kon gelukkig precies bij het knopje. Dan door de smalle parkeergarage met de grote auto en parkeren maar (mijn persoonlijke hobby). Stond ie netjes achteruit in een vak, zegt zuslief: “zo kunnen we die stoelen niet achterin zetten.” En dus moest ik weer opnieuw parkeren.

Wat zeggen ze bij de winkel? “U moet even de parkeergarage uitrijden, door een andere ingang naar binnen en dan naar een bepaald afleverdek.” We hadden geen keus en gingen weer richting auto. Alleen had ik bij de uitgang van de parkeergarage de auto nu net iets verder van de paal gezet. Gevolg: ik moest mijn deur openen. Mijn voet ging van de koppeling, auto schiet uit en een stukje naar voren. Mijn hart klopt in mijn keel, maar het lukt me het poortje te openen. Dan weer opnieuw naar binnen rijden, op een knopje drukken (met de deur open). Vervolgens stoelen inladen en zonder achteruitkijkspiegelzicht naar de loods. Daar nieuwe stoelen opslaan en oude stoelen meenemen (je begrijpt dat we inmiddels twee uur verder zijn). En toen kwam de grootste uitdaging: met twee vrouwen twee best grote stoelen op een handige manier achterin een auto zetten. Euhm, als jij die nou eens? Hmm, nee, dat is het ook niet.

Zucht. Máár: het ging goed, de auto is heel en alle stoelen zijn op de plaats van bestemming beland. Dus eigenlijk was het een hele succesvolle middag.

Chocolademomentje

Het was een bijzonder gezelschap gisteravond. Bij baas Jaap van Polly thuis genoten we van een overheerlijke kerstmaaltijd, gekokkereld door Rutger en Mathijs. Aanwezig waren de fulltimers en hun aanhang, de oude baas, de vaste klusjesman en ondergetekende.

Kosten nog moeite waren gespaard. De drank vloeide rijkelijk, de gesprekken gingen onder meer over vakanties, oude Pollylegendes en -anekdotes, Rutger’s toekomst in Wales en huizen kopen. Champagne vooraf, bij iedere gang een goed glas wijn, dessertwijn, port bij de enorme kaasplank en cognac en whiskey bij de koffie. Het vijf-gangen-menu: ‘spinazierolletjes met rauwe zalmtartaar en appelstroop met geroosterde sesamzaadjes’, ‘coquilles met zeekraal’, ‘kalfsoester met truffelpuree en dragonsaus’, ‘merengue met witte chocolademousse en Bailyes’ en een kaasplankje.

Normaal gesproken eet Mathijs mij er met gemak uit. Als hij zijn best doet om rustig te eten, doet hij er half zo lang over als ik. Mijn vader is trots, want die kan zich ook wel voor een wedstrijdje inschrijven. Eindelijk een gelijkgestemde aan tafel… Maar gisteravond heb ik een nieuw record gevestigd. Vanzelfsprekend gebeurde het bij het nagerecht, je bent zoetekauw of niet. De merengue was zacht en zoet en krokant aan de buitenkant. De chocolademousse was perfect van structuur, met kleine snippers witte chocola en een goed accent Baileys. De strepen chocoladesaus maakten het helemaal af. Vol enthousiasme lepelde ik het dessert naar binnen, me niets aantrekkend van mijn omgeving of de gesprekken. Het was ik en mijn toetje. Toen ik opkeek van mijn leeggeschraapte bord, keek ik recht in de lachende ogen van Mathijs en Jaap. Iedereen had nog flink wat liggen. En blijkbaar had Mathijs me iets gevraagd. Dat was me even helemaal ontgaan. Je moet me ook niet storen als ik even een chocolademomentje heb…